Blog

  • Depot Boijmans, Nederland

    Toen ik in Rotterdam het Depot Boijmans Van Beuningen bezocht, merkte ik meteen dat dit geen klassiek museum is. Je komt daar niet binnen om gewoon van zaal naar zaal te gaan. Het voelt eerder alsof je een kijkje krijgt achter de schermen van hoe een museum echt werkt.

    In plaats van een vaste tentoonstelling zie je hier hoe kunst wordt opgeslagen en beheerd. Er zitten meer dan 150.000 werken in het depot, maar het grootste deel daarvan zie je normaal nooit in een museum. Hier wel. Schilderijen hangen in grote uitschuifbare rekken, beelden staan per soort en materiaal gegroepeerd en alles zit in ruimtes waar temperatuur en licht volledig gecontroleerd worden.

    Ook het gebouw zelf valt op. Van buiten lijkt het door de spiegelende gevel bijna op te gaan in de stad, terwijl het vanbinnen heel strak en functioneel is opgebouwd. Alles draait rond efficiëntie en bescherming van de kunst.

  • MOMA, New York

    Toen ik in New York het Museum of Modern Art bezocht, viel mij vooral op hoe breed het aanbod is.

    Je ziet daar werken van heel bekende kunstenaars zoals Vincent van Gogh en Andy Warhol, maar ook veel modernere en minder bekende artiesten. Alles zit door elkaar: schilderijen, fotografie, design, video… het is niet één stijl of één richting.

    Het museum is ook heel groot en opgebouwd in verschillende verdiepingen, waardoor je echt per thema of periode door de kunst gaat. Je merkt dat moderne kunst evolueert van vrij klassiek naar steeds experimenteler.

  • Berlijn

    Toen ik in Berlijn was, viel mij één ding meteen op: overal is kunst. Niet alleen in musea, maar overal op straat. Zeker op de Berlijnse Muur.

    Wat ik daar zo leuk aan vond, is dat het totaal niet perfect is. Overal zie je kleuren, vormen, teksten door elkaar. Op de East Side Gallery hangt alles door elkaar: grote murals, kleine tekeningen, random details. Je blijft kijken en telkens zie je iets nieuws.

    Het voelt niet als “afstandelijke kunst”, maar eerder alsof het leeft. Alsof iedereen er iets aan heeft toegevoegd. En dat inspireert mij enorm!

  • Musea

    Waar ik ook ben in de wereld, ik probeer altijd een museum mee te pikken. Niet omdat het “moet”, maar omdat ik het nodig heb.

    Elke stad heeft een andere vibe. Andere kunstenaars. Andere verhalen. Ik hou ervan om te zien hoe mensen overal ter wereld denken en creëren. Dat opent mijn blik. Het zorgt ervoor dat ik niet blijf hangen in één stijl of één manier van kijken.

    Mijn ideeën groeien door wat ik zie. En reizen + kunst? Dat is voor mij de beste combinatie.

  • Favo kunstenaars

    Ik word aangetrokken door heel verschillende kunstenaars: van de kleuren en emoties van Mark Rothko en Claude Monet tot de rauwe energie van Jean-Michel Basquiat en Vincent van Gogh. Ook de beweging bij Edgar Degas en de details van Gustav Klimt spreken me aan. En hedendaagse kunstenaars zoals Werner Bronkhorst.

  • Hoe het begon

    Het begon al vroeg. Mijn oma is schilder, dus als kind zat ik vaak naast haar te schilderen. Ik heb veel van haar geleerd. Ik was ook echt obsessed met Bob Ross en Carll Cneut. Uren kijken en gewoon nadoen.

    Vandaag haal ik mijn inspiratie echt overal. Natuurlijk kunst en musea maar ook film, muziek en fotografie inspireren mij enorm. De sfeer van een scène, een kleur in een foto, een bepaalde mood in een song… dat blijft hangen en komt later terug in mijn werk.

  • Mijn Stijl

    Ik heb een sterke basis in modeltekenen en werk constructief met vorm en verhoudingen. Lijn, kleur en compositie gebruik ik bewust, maar nooit geforceerd. Mijn werk is grafisch krachtig, met een goed gevoel voor balans en kleurbeheersing, waarbij alles samenkomt tot één coherent beeld.

    Wat mij typeert, is de sfeer die in mijn werk zit. Er ligt een zekere zachtheid en tederheid over mijn beelden, zonder dat ze aan kracht verliezen. Ik speel met toonwaarden en zet technieken naar mijn hand om die specifieke vibe te versterken.

    Tegelijk ben ik voortdurend op zoek naar mijn eigenheid. Soms merk ik dat ik me nog verschuil achter bepaalde gewoontes of stijlelementen, maar net in het loslaten daarvan ligt mijn grootste groei. Mijn sterkste werk ontstaat wanneer ik vrijer en intuïtiever teken.

    Ik werk met plezier, zelfstandig én in samenwerking, en blijf mezelf uitdagen om mijn beeldtaal verder te ontwikkelen en te verdiepen.

  • Inspiratie

    Mijn inspiratie begint eigenlijk gewoon bij kijken. Observeren, dingen oppikken, combineren. Zoals Quentin Tarantino het zegt: “Ik steel van elke film die ooit gemaakt is… Grote kunstenaars stelen, ze maken geen eerbetoon.”

    En eerlijk? Dat is exact hoe ik ook werk maar dan met beelden, schilderijen en tekeningen. Ik neem stukjes van wat ik zie, wat me raakt, en maak er iets nieuws van dat van mij is.

    Ik kopieer niet letterlijk. Ik gebruik, filter en combineer visuele referenties tot er iets ontstaat in mijn stijl.